Baby's en peuters tot 2 jaar

Uit Jeugdtandverzorging
Ga naar: navigatie, zoeken

Op deze pagina vindt u tandheelkundige informatie voor baby's en peuters tot 2 jaar. Voor meer informatie kan u worden doorverwezen naar andere wiki pagina's.

10 maanden.

Inhoud

Melkgebit

Wanneer de baby geboren wordt zijn alle tanden en kiezen van het melkgebit in de kaken aanwezig. Deze breken in de loop van de eerste 2½ jaar door. Daardoor kan de baby op een gegeven moment overgaan van vloeibare en zachte voeding op steviger voedsel wat door de tanden afgebeten en door de kiezen fijngemalen moet worden. Dit is de eerste functie van het melkgebit.

Ook is het melkgebit belangrijk voor de spraak en natuurlijk ziet een mooi melkgebit er ook leuk uit. Maar een hele belangrijke functie van het melkgebit is dat het ervoor zorgt dat de doorbrekende blijvende tanden en kiezen op de goede plaats komen zodat er geen ruimtegebrek ontstaat. Het melkgebit houdt de plaats open voor de blijvende tanden en kiezen die wisselen tussen het 9e en 12e jaar. Wanneer er vroegtijdig melkkiezen verloren gaan schuiven de blijvende kiezen die achter het melkgebit doorbreken naar voren en daardoor ontstaat ruimtegebrek voor de te wisselen kiezen en hoektanden. Ruimtegebrek leidt tot schots en scheef staande tanden en kiezen. Dit is in de eerste plaats niet mooi om te zien maar daarnaast kun je schots en scheef staande tanden en kiezen ook erg slecht schoonhouden. Wanneer er niets aan de tandstand gedaan wordt zullen blijvende tanden een groter risico lopen om slachtoffer te worden van de tang. Natuurlijk kunnen er ook door andere oorzaken problemen ontstaan met de tandstand maar als daar ook nog ruimtegebrek door vroegtijdig verlies van melkkiezen bijkomt wordt het probleem veel groter. Daarom is het belangrijk om het melkgebit goed te verzorgen.

Voor meer informatie over het melkgebit zie de pagina over het melkgebit.

Poetsen

Voor algemene informatie over poetsen zie tanden poetsen.

Hoe poetsen?

Zodra de eerste tand verschijnt moet er gepoetst worden met fluoridehoudende peutertandpasta. Het is verstandig om al eerder met een babyborsteltje te oefenen en het kindje ermee te laten spelen. In het begin nog geen tandpasta gebruiken maar wel zo snel mogelijk. Gebruik eerst een heel klein likje en als de kinderen wat ouder worden is de grootte van een doperwt voldoende. Ook als uw kind het al zou kunnen moet er niet gespoeld worden. De fluoride in de tandpasta moet zijn werk kunnen doen en dat gaat niet als alle tandpasta weggespoeld wordt. Gebruik het liefst een niet zoet smakende tandpasta om kinderen niet aan een zoete smaak te wennen.

Leg uw kind als het al wat groter is met het hoofd op uw bovenbenen (op de rand van het bed of op de bank in de woonkamer) zodat u oogcontact houdt en het gebit goed kan zien. Als u rechtshandig bent ligt het kind met de benen naar rechts. Bent u linkshandig, dan de benen naar links. Met de vinger van de niet poetsende hand kunt u ruimte maken tussen wang en kiezen zodat u er met de borstel goed bij kunt. Ook kunt u zo het hoofd van u af of naar u toesturen.

Hele kleine kinderen kunt u het beste poetsen terwijl ze op de aankleedtafel liggen.

Wanneer poetsen?

Het is voldoende om 1 keer per dag met een beetje fluoridehoudende tandpasta te poetsen. Het tijdstip maakt niet uit. Houdt wel een vast tijdstip aan om het niet te vergeten.

Fluor

Het is belangrijk om zodra de eerste tand in de mond doorbreekt deze in aanraking te brengen met fluoride. Gebruik een klein likje op de tandenborstel bij baby’s. De iets oudere kinderen mogen wat meer op hun tandenborstel. Neem niet meer dan de grootte van een doperwt en laat de kinderen niet spoelen, hoogstens uitspugen maar doorslikken is geen probleem bij deze kleine hoeveelheid. Uit onderzoek is gebleken dat fluortabletjes geven voor de doorbraak geen vermindering van cariës tot gevolg heeft. Fluoride werkt vooral bij direct contact met de tanden en kiezen.

Voeding

Het is belangrijk om kinderen niet aan een zoete smaak te wennen. Voeg geen suiker toe aan de voeding en geef geen zogenaamde kinderthee in een flesje. Ook Roosvicee, al is het nog zo verdund, is schadelijk voor het gebit. Laat uw kind zo snel mogelijk wennen aan het drinken uit een bekertje. Als overgang is een tuitbekertje een gemakkelijk hulpmiddel. Oefen met een bekertje met een klein beetje water of wat lobbige vloeistof zoals verdunde yoghurt.

Houd vaste momenten aan voor de maaltijden en tussendoortjes en dit geldt ook voor drinken. Geef bij dorst tussendoor alleen water maar doe dit niet de hele dag door in kleine beetjes. Spuug is belangrijk voor het sterk worden van de tanden. Wanneer er te vaak kleine beetjes water wordt gedronken wordt het spuug weggespoeld en kan het zijn opbouwende werk niet meer doen.

Flesvoeding

Wanneer baby’s geboren worden krijgen ze borstvoeding of als dat niet goed gaat flesvoeding. De meningen zijn verdeeld over wat het gemakkelijkste is. Maar de eerste maanden na de geboorte verdient borstvoeding de voorkeur. De baby krijgt antistoffen tegen infecties mee door de moedermelk en moet behoorlijk moeite doen om de melk naar binnen te krijgen.

Dit laatste is goed voor de ontwikkeling van de kaken. Wanneer er flesvoeding wordt gegeven moet je er voor zorgen dat het gaatje in de speen niet te groot is. De baby moet er wat moeite voor doen en zo worden de kaakspieren getraind. Neem een goed model speen (plat tussen de kaken) en neem hetzelfde model fopspeen als uw baby een grote zuigbehoefte heeft. Vanaf 6 maanden begint het melkgebit door te breken en langzamerhand vermindert de natuurlijke zuigbehoefte. Daar moeten ouders gebruik van maken door de flesvoedingen te verminderen. Te lang zuigen kan allerlei problemen veroorzaken van zuigflescariës tot afwijkingen in kaakgroei en tandstand. Dus ga zo snel als het kan over op het drinken uit bekers en het eten met bestek.

Drinken bij het bed

Drinken bij het bed is een aangeleerde gewoonte. Het is niet nodig. Als kinderen een zuigbehoefte hebben geef ze dan een fopspeen. Worden ze wakker en hebben ze dorst geef ze dan een beetje water uit een beker. Het is heel slecht om een zoete drank in een flesje naast het bed te zetten, zelfs melk is slecht omdat dat van nature veel melksuiker bevat. Dus niet doen!

Fopspeen of duimen

Als een baby geboren wordt hoeft ze één ding alvast niet meer te leren en dat is ‘zuigen’ Het is een natuurlijke reflex die je bij alle zoogdieren terug vindt. Dat zuigen gaat met grote kracht gepaard en is in het begin goed voor de ontwikkeling van de kaken. Baby’s hebben een grote zuigbehoefte en deze wordt niet altijd tijdens de voeding bevredigd. Daarom gaan kinderen op andere dingen zuigen zoals duim of vingers. Dat gebeurt zelfs al in de baarmoeder.

Het is belangrijk om te proberen de zuigbehoefte te laten bevredigen door een fopspeen. Een goede fopspeen geeft minder afwijkingen aan het gebit dan het zuigen op de duim of vingers. Een goede fopspeen is plat op de plaats waar de kaken boven elkaar staan. Er zijn verschillende maten en het is belangrijk om een niet te kleine speen te gebruiken omdat hierdoor het bolle deel tussen de tanden komt te liggen bij het zuigen waardoor de afwijking die zuigen kan veroorzaken verergerd wordt. Kleine afwijkingen die door de speen ontstaan zijn verdwijnen meestal vanzelf wanneer er voor het 4e jaar gestopt wordt met zuigen.

Het is vaak lastig om een kind dat alleen borstvoeding krijgt te laten wennen aan de fopspeen omdat het model van de goede fopspeen nogal afwijkt van de tepel. Kinderen die ook flesvoeding krijgen kunnen alvast wennen aan de goede vorm speen door de fles-speen met hetzelfde platte model te nemen.

In alle gevallen is het belangrijk dat het zuigen stopt voor het 4e jaar. Dat is met een fopspeen goed te doen in ieder geval is het veel gemakkelijker dan het kind met duim- of vingerzuigen te laten stoppen. Een fopspeen heeft het voordeel dat je hem af kunt pakken en er afspraken over kunt maken. Je kunt de speen samen gaan begraven of er steeds een stukje van afknippen tot er niets meer over is. Een kind wat gewend is aan een fopspeen zal bij afwezigheid van die speen niet snel duim of vingers gaan gebruiken.

Wanneer de tanden gaan doorbreken vanaf een maand of 6 wordt langzamerhand de zuigbehoefte minder Deze periode moeten ouders gebruiken om het aantal flesvoedingen te verminderen en over te gaan op eten met een lepel en drinken uit een beker. Wil je kind nog graag zuigen gun het dan nog één à twee flessen per dag maar niet langer dan 15 à 20 minuten.

Ongelukken en veiligheid

Kinderen in deze leeftijdsgroep staan vooral in het begin nog niet zo vast op de benen. Het komt dan ook regelmatig voor dat kinderen hun gezicht verwonden doordat ze vallen. Daarbij zijn vooral tafelranden een gewild object. Wanneer het kind op zijn tanden valt en de tanden staan los of zijn eruit geslagen kan de tandarts niet veel meer doen dan de mond op verwondingen controleren. Neem altijd de uitgeslagen tanden mee zodat de tandarts zeker weet dat hij niet in de omliggende weefsels moet zoeken naar stukken tand. Hinderlijk losstaande melktanden kunnen het beste verwijderd worden. Zet nooit melktanden terug, daarmee kunt u blijvende tanden die nog in de kaak liggen beschadigen.

U zult er misschien niet bij stilstaan maar ook het eten op zich kan gevaren met zich meebrengen. De verhalen van iemand die zich verslikt en een stuk vlees in de luchtpijp krijgtl zijn genoegzaam bekend. Minder bekend is dat ook bananen gevaar kunnen opleveren. Er is een geval bekend van een kind van 3 jaar dat met een banaan in de mond viel; daardoor werd de banaan naar binnen geperst in de luchtpijp. Het kind is overleden. Bij de obductie werd er zelfs banaan in de longen gevonden.

Ook zijn er gevallen bekend van kinderen die met lolly’s in de mond gevallen zijn. Hierdoor kunnen ernstige verwondingen in de keel ontstaan. Er is ook een geval bekend waarbij een kind viel met een viltstift in de mond. De dop zat er nog op en deze is achtergebleven in het zachte weefsel achter in de mond maar dat wist niemand. Nu ontstonden er steeds ernstige infecties en pas jaren en vele operaties later is de dop gevonden. Op röntgenfoto’s zie je de dop van plastic namelijk niet.

Conclusie: laat uw kind altijd zitten zolang het iets aan het eten is en dit geldt natuurlijk in het bijzonder voor heel jonge kinderen die nog niet zo stevig op de benen staan. Leer uw kind dat het niets in de mond te stopt tijdens het lopen, ook geen tandenborstel.

Persoonlijke instellingen