Fluoridebehandeling
Fluorbehandelingen zijn voorzorgsmaatregelen om het glazuur sterker te maken. Bij de jeugdtandverzorging krijgen de meeste kinderen een zo geheten lepelapplicatie. Dit gaat als volgt: Een buigzame lepel in de vorm van de kaak wordt gevuld met een fluoridegel. Deze lepel wordt in de mond gebracht en moet 5 minuten in de mond blijven. Daarna wordt de lepel uitgespuugd en met 1 slokje water nagespoeld. De patiënt mag een uurtje niet eten, drinken of zwemmen. Alle licht aangetaste glazuurdelen worden zo in staat gesteld veel fluoride op te nemen. Het is aan te raden de kinderen voorafgaand aan de ‘fluorhap’ iets te laten eten.
Lakapplicatie is een andere manier om fluoride aan te brengen. Dit gaat als volgt: Eerst wordt het gebit schoongepoetst met een borsteltje op de boormachine met tandpasta. Vervolgens worden de tanden en kiezen drooggelegd met wattenrollen. Nu wordt er een gele lak aangebracht die vanzelf stevig wordt. Na de behandeling mag er direct gegeten en gedronken worden maar er mag 24 uur geen tandengepoetst worden. Deze behandeling wordt meestal toegepast bij kinderen die risico lopen om op bepaalde plaatsen gaatjes te krijgen. Je ziet er na de behandeling niet mooi uit met knalgele tanden. Daarom wordt deze behandeling meestal alleen op het gevarengebied toepgepast.